Enthousiaste vrijwilligers begeleiden de delegations

20 mei

Fotocredits: Joyce de Vries

Enthousiaste vrijwilligers begeleiden de delegations

Tijdens het Eurovisie Songfestival zijn er wel 650 vrijwilligers nodig om alles in goede banen te leiden. Een van hun functies is het begeleiden van de delegaties uit de deelnemende landen. Vol enthousiasme vertellen deze delegation hosts over wat hen verbindt aan het Songfestival.

Estland: Levent Akkaya

Levent Akkaya is een echte Songfestivalfan. Hij is al bij zes edities op locatie geweest. “Het is mijn uitje”, vertelt hij. Nu het festival in Rotterdam plaatsvindt, viel dat uitje weg. Levent besloot daarom bij nationale finales te gaan kijken. Een van de landen die hij bezocht in maart 2020 was Estland. Nu mag hij de delegatie van dit land ontvangen in zijn stad Rotterdam.

“Het is hartstikke bijzonder om het Eurovisie Songfestival in je woonplaats te hebben. Het is spijtig dat het zo’n afgeslankte vorm is vanwege de coronacrisis. Maar ik vind het mooi om te zien hoe de stad is aangekleed: dat is echt wel sjiek en met zorg gedaan.”

Zijn mede-host voor Estland is Laman. Zij heeft weinig connectie met het land. “Toevallig komt mijn ex-schoonzus er vandaan. En ik spreek Russisch, maar dat blijkt niet nodig. De delegatie spreekt namelijk zo goed Engels.” Nu ze zich zo intensief met het land bezig houdt, groeit de interesse. “Een stedentripje naar Tallinn lijkt me heel leuk!”

Frankrijk: Chin-Lien

Met een Franse moeder en een tweetalige opvoeding, was het voor Chin-Lien wel duidelijk welk land ze wilde hosten. “Frankrijk zit in mijn hart. Ik was door het dolle heen toen ze zeiden dat ik gastvrouw van de Franse delegatie werd.”

Chin-Lien is door haar dochters gepusht om zich op te geven als vrijwilliger. “Het dak ging eraf toen Duncan won. Toen we wisten dat Nederland ging hosten, leek het me meteen tof om mee te werken aan zo’n mega evenement. Maar ik zag ook nog wel beren op de weg. Tot mijn dochters zeiden: mam, je moet dit echt doen.”

Met de Franse inzending voor het Eurovisie Songfestival 2021 is Chin-Lien heel blij. “Ik vind het een prachtig nummer. Ze laat zich in haar kwetsbaarheid zien, maar staat er ook heel krachtig.” Ook vindt ze het mooi om te zien dat het een traditioneel liedje is. “Ik zing zelf ook Franse chansons.”

Portugal: Carlos

Songfestival-fan Carlos is een Rotterdammer met Portugese roots. Een betere gastheer voor de Portugese delegatie kon er niet zijn. “Ik ben trots op mijn stad én op mijn achtergrond.” Dus toen het Eurovisie naar Rotterdam bleek te komen, schreef hij meteen de gemeente aan. “Leuk details: het filmpje voor mijn sollicitatie als gastheer heb ik in Portugal opgenomen.”

Ook al is het dit jaar anders dan normaal, Carlos probeert zijn gasten toch enthousiast te maken over zijn Rotterdam. “Ik wil dat ze zich hier thuis voelen. Als we in de bus rijden, vertel ik van alles over de stad.”

Zijn eerste herinnering aan het Eurovisie Songfestival is uit 1980. “Samen met mijn moeder ging ik de single van Johnny Logan kopen. Bij ons thuis was de zaterdagavond van de finale altijd een speciale feestdag. We hadden hapjes op tafel en ik mocht laat opblijven. Net als met oud en nieuw.”

Duitsland: Henrike en Paulina

De Duitse vlag in de lucht houden op de Maasboulevard in Rotterdam, voor het oorlogsmonument De Boeg: Henrike en Paulina voelen zich er niet helemaal comfortabel bij. “Duitsers bezitten geen vlaggen”, leggen ze uit. “We zijn voorzichtig in trots zijn op ons land door onze geschiedenis.”

Trots zijn op Rotterdam kunnen ze daarentegen wel goed uiten. Paulina woont nu bijna vier jaar in de havenstad. “Ik vind de internationale en jonge sfeer hier heerlijk.” Ze is blij dat Rotterdam nu een wereldpodium krijgt, door middel van het Eurovisie Songfestival.

Henrike heeft vijf jaar in Rotterdam gestudeerd en is inmiddels terug in Hannover. Als megafan van het Songfestival moest ze natuurlijk wel aan deze editie meewerken. Rotterdam zit nog steeds in haar hart. “Ik was meteen verliefd toen ik hier kwam. Het water, de bruggen: het is een bijzondere stad.”